Het mooiste wat we kunnen ervaren is het mysterieuze ..., daar komt alle ware kunst en wetenschap uit voort
Home » De bron

De bron

 

Op deze pagina staan verklaringen en verhalen over allerlei onderwerpen waarvan ik vind dat deze met zoveel mogelijk mensen gedeeld moeten worden. Ik hoop dat deze onderwerp ook jullie hart veroveren!

 

 


De stem der bomen.


Hier volgen een aantal vertellingen over bomen door Brigit Kahlert.
Brigit is overleden op 26 april 2007. Neem een kijkje op haar website! Dat is zeker meer dan de moeite waard. www.stemderbomen.nl


De reden dat ik dit vermeld is dat ik me sterk kan vinden in de uitleg die zij geeft en dat deze informatie niet verloren mag gaan maar verder door gegeven moet worden aan iedereen die weet hoe belangrijk bomen zijn.


Waarom een site over bomen?

Sinds mensenheugenis spelen bomen een belangrijke rol in het dagelijkse leven van mensen. Onze voorouders vereerden de bomen. Voor hen waren het reusachtige levende wezens met een sterke, positieve kracht.

Veel mensen hebben een persoonlijke relatie met een bepaalde boom. Zij praten er soms ook tegen.

Bomen zijn de oudste en grootste plantwezens van onze planeet. Sommige worden eeuwen oud. De oudste, dennen en mammoetbomen, worden tot 4600 jaar oud. De reuzeneucalyptus bereikt een hoogte van 150 m, platanen kunnen in 1300 jaar een stamomvang van 47 m bereiken.

Nostradamus zei: “Ieder mens is met een boom verwant. Slechts in verbinding met zijn boom, kan hij gelukkig zijn.”

Bomen hadden altijd een aantrekkingskracht voor mensen. Een volkswijsheid zegt: een mens moet drie dingen doen in het leven: een huis bouwen, een kind op de wereld zetten en een boom planten.

In de Germaanse mythologie waren het twee bomen die de adem van de Goden ontvingen en die zo de eerste mensen, Askr en Embla, schiepen. Het sprookje van Vrouw Holle  herinnert aan de Godin Freya die in de vlier ( hollerstruik) vereerd werd.

In het Germaanse epos Edda wordt over de machtige Es verteld, de Wereldboom Yggdrasil wiens kruin het hele universum droeg.

Mensen hebben bomen nodig, de bomen niet persé mensen. De bomen waren vòòr ons op aarde. In de Germaanse, Keltische, Indiaanse en Indiase scheppingsmythologieën wordt beschreven, dat het de bomen waren waaruit de goden mensen schiepen.

De Romeinse dichter Vergilius b.v. bericht in  zijn epos Aeneïs over Romeinse eikenbossen, waarin mensen woonden die uit bomen ontstaan zijn. “Inheemse nimfen en faunen bewonen de wouden, een geslacht dat ontstaan is uit stammen en kernhout.”

De Griekse dichter Hesiod beschrijft hoe de oppergod Zeus het derde mensengeslacht uit Essen schiep.

De Indianenstam van de Algonkin meent af te stammen van de pijl die de Schepper in de Es schoot.

In de bossen voelden onze voorouders zich bijzonder dicht bij de goden staan. Zij bouwden voor hen geen tempels, moskeeën en kerken, maar vereerden hen daar, waar zij hun aanwezigheid het meest voelden: onder de bomen.

In Griekenland groeide de Eik van Dodona  gehoed door drie priesteressen die in het ruisen van de bladeren de stem van de Godin meenden te horen.

Boeddha werd onder een boom geboren, vond verlichting onder een boom en stierf onder een boom.

Iedere Indiaan had zijn eigen boom die hij opzocht om te mediteren, om nieuwe kracht te scheppen, van gedachten te wisselen en om te sterven.

Hoewel wij in de Bijbel lezen dat Abraham bij de Heilige Eiken te Mamre tot God bad, eisten de gezagvoerders van het Concilie te Arles in 452 van de mensen, om te stoppen met de 'godslasterlijke boomcultus'. Er werd begonnen met de vernietiging van de Heilige Bossen.

Maar helemaal zonder bomen functioneert de christelijke godsdienst niet, want: “God, de Heer, liet uit de grond allerlei soorten bomen groeien, aanlokkelijk om te zien met kostelijke vruchten." Midden  in het Paradijs stonden de Boom van het Leven en de Boom der Kennis van Goed en Kwaad.

De heilige Bernhard van Clairvaux schreef: “Je zult in de bossen vinden als in boeken. De bomen en de stenen zullen je dingen leren die jou geen mens zal kunnen vertellen.”

Tegenwoordig zijn veel mensen in onze maatschappij niet meer bekend met de betekenis van bomen voor ons mensen. Bomen moeten wijken voor asfalt, bebouwing of omdat men bang is dat een grote boom omgewaaid zou kunnen worden. Men vindt bladval, stuifmeel en zaden lastig.

Met mijn bomensite wil ik het bewustzijn van de lezer richten op deze prachtige boomwezens die het verdienen, de volle aandacht te krijgen.

Mythologische bomen

Wereldwijd worden overal bossen gekapt en – behalve de milieubeweging - schijnt zich daar niemand echt druk over te maken.

Sinds mensenheugenis spelen bomen een belangrijke rol in het dagelijkse leven van mensen. Onze voorouders vereerden de bomen. Voor hen waren het reusachtige levende wezens met een sterke, positieve kracht. In gebruiken en riten gaven zij blijk van hun verering. Zo werd er recht gesproken onder een boom en zieken vonden bij een boom genezing. Sommige bomen waren heilig. Niemand mocht hen beschadigen of kappen.

Bomen spelen in de mythologieën van de verschillende culturen wereldwijd een rol, want sinds de oertijd was het lot van mensen verbonden met bomen. Je zou je kunnen afvragen hoe het een mensheid zal vergaan die deze band vernietigd heeft. De gevolgen van de wereldwijde bosvernietiging kan tegenwoordig niemand meer overzien. Maar als wij willen overleven, moeten wij bomen weer een kans geven.

Wat is de waarde van een boom?

Een honderd jaar oude den verwerkt op een zonnige dag de gemiddelde koolstofdioxideconcentratie van 2½ eengezinswoningen. Een loofboom van 20 m hoogte produceert 370 l zuurstof per uur.

Hij bevat ca. 2500 kg zuivere koolstof en heeft in de loop van zijn leven 18 miljoen kuub  kooldioxide verwerkt. Hij heeft  9100 kg CO2 en 3700 liter  H2O fotochemisch omgezet, ca. 23 miljoen kg calorieën opgeslagen en 6600 l zuurstof aan mensen en dieren ter beschikking gesteld. Daarnaast heeft deze boom minstens 2500 ton water vanuit zijn wortels naar zijn kroon gebracht - tegen de zwaartekracht in - en in de atmosfeer verdampt en daarbij een grote hoeveelheid warmte gebonden.

Deze honderdjarige boom heeft een mens 20 jaar lang met adem verzorgd. Hoe ouder hij werd, hoe meer zuurstof hij produceerde.

 

Bomen en mensen

Bomen zijn de oudste en grootste plantwezens van onze planeet. Sommige worden eeuwen oud. De oudste, dennen en mammoetbomen, kunnen een leeftijd van 4600 jaar bereiken. De reuzeneucalyptus wordt 150 m hoog, platanen kunnen een stamomvang van 47 m bereiken.

Nostradamus (arts en ziener uit de16e eeuw) zei:

'Ieder mens is met een boom verwant. Slechts in verbinding met zijn boom kan hij gelukkig zijn.'

Volgens een oude volkswijsheid moet een mens drie dingen doen in zijn/haar leven: een huis bouwen, een kind op de wereld zetten en een boom planten.

 

In de Germaanse mythologie waren het twee bomen die de adem van de goden ontvingen. Uit hun ontstonden de eerste mensen, Askur en Embla. Het sprookje van Vrouw Holle staat in verband met de godin Freya die in de vlier (hollerstruik) vereerd werd. In het Germaanse epos Edda wordt over de machtige Es verteld, de wereldboom Yggdrasil wiens kroon het hele universum droeg. Mensen hebben bomen nodig, bomen niet persé mensen. In de Germaanse, Keltische, Indiase en Indiaanse scheppingsmythologieën wordt beschreven dat het bomen waren waaruit de goden mensen schiepen. De Romeinse dichter Vergilius bericht in zijn epos Aeneïs over eikenbossen waarin mensen woonden die uit bomen ontstaan zijn. De Griekse dichter Hesiodius beschrijft hoe de oppergod Zeus het derde mensengeslacht uit essen schiep.

De Indianenstam van de Algonkin gelooft af te stammen van de pijl die de schepper in de es schoot.

In de bossen voelden onze voorouders zich bijzonder dicht bij de goden staan. Zij bouwden voor hen geen tempels, moskeeën of kerken, maar vereerden hen daar waar zij hun aanwezigheid het meest voelden: onder de bomen.

In Griekenland groeide de Eik van Dodona, gehoed door drie priesteressen die in het ruisen van de bladeren de stem van de godin meenden te horen.

Boeddha werd onder een boom geboren, vond de verlichting onder een boom en stierf onder een boom.

 

Iedere Indiaan had een eigen boom die hij opzocht om te mediteren, om nieuwe kracht op te doen , van gedachten te wisselen of om te sterven.

In het oude India vereerde men de vijgenboom. Tussen zijn bladeren verstopte zich een naakte godin. De Ficus religiosa bleef in India lange tijd de heilige boom. Onder zijn takken vond Boeddha de verlichting.

Voor de Chinezen was middelpunt van het universum de plek ‘kien-mou’ wat ‘rechtop staand hout’ betekent. Kien-mou is de boom van de vernieuwing.

In de Bijbel staat dat Abraham bij de Heilige Eik te Mamre tot God bad. Later eisten de gezagsdragers van het Concilie te Arles in 314 van de mensen om te stoppen met de ‘godslasterlijke boomcultus’. Er werd begonnen met de vernietiging van heilige bossen.

 

Heilige Bossen

Bomen hebben het vermogen om waar te nemen op welke plekken zij krachtig kunnen groeien en zich goed voelen. Zij hebben kennis van de geheimzinnige krachten van de aarde, van krachtlijnen die de hele aarde doortrekken.

Onze voorouders gebruikten hun kennis van bomen om op bepaalde plekken cultplaatsen te bouwen, vooral op de kruispunten van  krachtlijnen.

Bossen waren belangrijke cultplaatsen. Helaas werden veel van deze heilige plekken door priesters en missionarissen in den naam van God vernietigd.

Heilig betekent heel; dus een bos is heilig omdat hij het evenwicht op aarde bewaart. Met de toenemende ontbossing van de continenten zagen wij in feite de tak af waarop wij zitten. Zonder bossen sterft het leven.

In India had iedere stam of dorp een heilige boom. De drie hindoeïstische goden Brahma (de schepper), Vischnoe (de bewaarder) en Shiva (de vernietiger) zijn de drie hoofdstammen van de wereldboom. Prins Siddharta (later Boeddha) koos een oude pippala-boom (Ficus religiosa) voor zijn laatste stappen van zijn verlichting. Later werd dit de bodhiboom, de boom der verlichting, symbool van het boeddhisme. Tegenwoordig zijn er nog steeds heilige bomen in India.

In Japan waren de vroegere tempels van de oergodsdienst (Shinto) bomen. In de loop der tijd werden er altaren bijgevoegd.

Ook de voorchristelijke Europese druïden hadden heilige bossen. De essentie van de druïdse leer was de macht van het woord, gesproken en geschreven. Deze macht kwam uit het bos: het bardische boomalfabet.

Net als bij de oudjoodse kabbala betekent iedere letter een energielijn in de wereld-of levensboom . De letters van het Oudierse alfabet hebben boomnamen, die de verschillende aspecten van het zijn belichamen. In de Keltische en Germaanse talen zijn leren, weten en wijsheid nauw verbonden met woorden voor woud en boom ( b.v. beuk, boek; in het Duits is letter Buchstabe). De druïden waren dus bos - of boomwetende.

Ook bij de Baltische en Slavische volkeren waren bossen de centrale plekken voor hun godsdienst. Christelijke missionarissen hebben steeds geprobeerd, deze plaatsen te vernietigen.

Het belangrijkste heiligdom in het oude Griekenland was niet de tempel maar het heilige bos. In het hart van de Acropolis stonden de heilige olijfbomen. Het was een plek waar vervolgde personen asiel kregen, wat veel later door de christelijke kerken opgepakt werd. De Griekse godheden zijn allemaal uit natuurgeesten voortgekomen en hadden daarom gewijde bossen. Apollo b.v. werd in laurierbossen vereerd, Aphrodite onder de mirteboom, Pan in pijnboombossen. Oppergod Zeus leefde in een eik in het eikenbos van Dodona. Dit was een boomorakel en bijna zo beroemd als het orakel van Delphi. Daar sprak de mens tot de boom en de boom tot de mens.

Voor priesters uit het klassieke Griekenland was de letter Y een 'heilig teken' omdat hij met zijn naar boven wijzende takken een boom voorstelt.

Het kruis van Christus werd al vroeg met een machtige boom vergeleken. Het was dus heel dom van Bonifatius  dat hij in de 8e eeuw demonstratief de beroemde Eik van Odin liet vellen i.p.v. deze met Christus in verbinding te brengen. Later schreef de Franciscaan Bonaventura zijn tractaat ' Over de Boom des Levens', waarin hij Christenen motiveerde, de boomreuzen te eren.

Boomreuzen belichamen niet alleen levenskracht (sommige taxussen en mammoetbomen worden meer dan 2000 jaar oud), maar ook de kracht van herkenning. In de Bijbel moeten Adam en Eva van de 'boom der kennis' eten om te weten te komen wie zij zijn en wie God is. Het gevolg is dat zij uit het Paradijs verdreven worden. Hetzelfde vinden we in de Oud-Iraanse mythologie over de boom Horn en de Griekse appelboom in de Tuin der Hesperiden. Archaïsche helden bewegen zich vooral onder boomreuzen wanneer zij met een monster vechten zoals Gilgamesj of Siegfried onder de grote linde tijdens de strijd met de draak. Nadat hij deze overwonnen heeft, baadt hij zijn lichaam in drakenbloed om onkwetsbaar te worden. Maar een lindeblad valt van de boom op zijn rug waardoor een kwetsbare plek ervoor zorgt dat hij later door Hagen dodelijk gewond raakt.

Boomreuzen stichten dus heil en onheil. Zij zijn het noodlot.

Jezus gebruikt als metafoor het beeld van de 'onvruchtbare vijgenboom'. Kunstenaars hebben vaak de bedreiging en de tragiek die van boomreuzen uitgaat uitgebeeld: Jacob Ruisdael met zijn bijna afgestorven allee -en heidebomen of Caspar David Friedrich met zijn monsterachtige exemplaren.

Boomreuzen komen we ook in de christelijke kunst van de Middeleeuwen tegen. Langs de kathedraalportieren van Nantes, Chartes en Amiens b.v. woekert de levensboom als in het oerwoud. Ook in de altaarbeelden van de 'Liebfrauenkirche'  te Krakouw (Polen) en het houten plafond van St.Michael in Hildesheim (Duitsland) zien we reusachtig wortel-en bladwerk.

In de kleurrijke kerkramen van Chartres, St.Kunibert in Keulen en de 'Ulmer Münster' zien we weeldrige takken-en loofslingers.


Brigit heeft ook geschreven over de volgende onderwerpen:


 en nog veel meer! Dus neem een kijkje op haar website!

Maak een Gratis Website met JouwWeb